(0)

Selecteer Regio

Rechten en plichten op de werkvloer


Je eerste werkdag

Vergeet vooral niet dat je op je eerste werkdag je contract getekend moet hebben, en dat je het Arbeidsreglement gekregen moet hebben. Je contract en het arbeidsreglement zullen je al veel wijzer maken over je nieuwe job, maar toch…
Daar sta je dan... Alles is nieuw, je kent de weg niet, je bent zenuwachtig. Maar wees gerust, je werkgever mag je niet aan je lot overlaten. Een Collectieve Arbeidsovereenkomst (CAO 22) regelt 'het onthaal van de werknemers in de onderneming'. Belangrijk is te weten dat elk bedrijf zich hieraan dient te houden. Wel is er een onderscheid gemaakt tussen bedrijven met minder en met meer dan twintig werknemers.

Onthaal bij bedrijven met minder dan 20 werknemers moet sowieso tijdens de eerste werkdag. Je moet het arbeidsreglement ontvangen en alle inlichtingen krijgen i.v.m. je taken, bezoldiging, arbeidsduur, arbeidsveiligheid en paritair comité.

Op bedrijven met meer dan 20 werknemers moet je vanaf de eerste werkdag “onthaald” worden (kan een maand duren). Je moet het arbeidsreglement ontvangen en alle inlichtingen i.v.m. de arbeidsvoorwaarden, bezoldiging, arbeidsduur, paritair comité en arbeidsveiligheid krijgen. Een bezoek aan je arbeidspost en een kennismaking met collega's en syndicale délégués (vakbondsafgevaardigden) en  ook met de Ondernemingsraad en het Comité voor Preventie en Bescherming op het werk, hoort erbij. En een geleid bedrijfsbezoek inzake de activiteiten en de  structuur van de onderneming moet je sowieso ook krijgen.


Soorten arbeidsovereenkomsten

Er bestaan verschillende soorten overeenkomsten.
De meest gekende arbeidsovereenkomsten zijn die voor arbeiders en bedienden. Arbeiders verrichten in hoofdzaak 'handenarbeid'. Bedienden verrichten hoofdzakelijk 'hoofdarbeid'. Vroeger was het verschil duidelijk. Vandaag is het onderscheid veel moeilijker te maken.

1. Voltijds of deeltijds
Je kan voltijds gaan werken (dit is 38 uren) of deeltijds.  Dat wil zeggen dat men ervoor kiest geen ‘voltijdse job’ uit te oefenen, en dus maar 1/2, 3/4 of 4/5 van de normale arbeidstijd te gaan werken (dit zijn de meest gangbare formules). Zo wil men meer tijd vrijmaken voor het gezin, de opvoeding van de kinderen, het huishouden, enzovoort…Je deeltijdse arbeidsregeling en je uurrooster dienen vast te liggen in je arbeidsovereenkomst. Dat uurrooster kan bovendien vast (elke week hetzelfde) of variabel zijn.

2. Van bepaalde of van onbepaalde duur
Het spreekt voor zich, een overeenkomst van onbepaalde duur houdt geen beperkingen in naar tijd. Als je geen schriftelijke maar een mondelinge overeenkomst hebt, is deze in principe ook van onbepaalde duur.
In een arbeidsovereenkomst van bepaalde duur wordt de begin- en einddatum van je tewerkstelling duidelijk vastgelegd. Deze overeenkomst moet dus sowieso schriftelijk vastgelegd worden.
Het kan ook zijn dat men je heeft aangenomen voor een bepaald werk. Dit werk dient duidelijk omschreven te zijn, en bij voltooiing ervan loopt de overeenkomst af.
Is de overeenkomst afgelopen en wil men toch nog dat je blijft? Dan beland je automatisch in een contract voor onbepaalde duur. Let wel, hierop bestaan een aantal uitzonderingen! Contacteer ons!

3. Een vervangingsovereenkomst
Bij langdurige ziekte, zwangerschap of loopbaanonderbreking van een werknemer kan men iemand in diens plaats aanwerven. De (eventueel) aangepaste proefperiode en opzeggingstermijn en de naam van de vervangen werknemer moeten vermeld worden in de arbeidsovereenkomst.

4. Uitzendarbeid
Het is niet makkelijk onmiddellijk je droomjob te vinden. Je zoekt de arbeidsmarkt af, snuffelt naar de mogelijkheden en tast diep in je eigen talentenbuidel. Maar wat doe je ondertussen? Veel jonge schoolverlaters nemen daarom hun toevlucht tot interimwerk, het is tijdelijk en je bent snel weer weg. Een ideale formule misschien, maar in sommige gevallen is het toch oppassen geblazen. Bij uitzendarbeid zijn steeds drie partijen gemoeid: jij, het interimkantoor en het bedrijf dat werk aanbiedt. Het bedrijf en het interimkantoor hebben onderling een overeenkomst en jij hebt een overeenkomst met het interimkantoor. Zij zijn dus de werkgever en moeten ervoor zorgen dat je loon (op tijd) gestort wordt.

OPGELET: Zwartwerk is altijd nadelig!!!
Of je nu helemaal of slechts voor een deeltje in het zwart werkt, het is steeds nadelig. Waarom?
- Je bent niet beschermd. Het ABVV kan je bijvoorbeeld niet helpen bij problemen met je werkgever want officieel werk je niet voor hem.
- Je bent niet zeker van je loon. Er staat tenslotte nergens dat je iets verdient.
- Je betaalt geen belastingen of RSZ-bijdragen. ‘Leuk’, zou je denken. Maar als je ziek wordt, zwanger, werkloos of op pensioen gaat,… en dan zonder inkomen moet leven, zal je het waarschijnlijk een stuk minder leuk vinden.


De proefperiode

De werkgever kan een proefperiode inlassen. Dit is een periode waarin zowel de werkgever als de werknemer zonder al te veel formaliteiten een einde aan de overeenkomst kunnen maken. De juiste termijn moet in het contract bepaald worden.

Arbeider 
min. 7  dagen
max. 14 dagen

Bediende 
min. 1 maand
max. 6 maanden
max. 12 maanden indien het loon meer dan € 38 665 Bruto is (01.01.2013)


Jaarlijkse vakantie - Jeugdvakantie

Als werknemer heb je recht op een aantal vakantiedagen en op vakantiegeld. Normaal worden die berekend op basis van je tewerkstelling in het jaar voordien. Werk je bv. in 2013 gans het jaar, dan krijg je in 2014 een volledig aantal vakantiedagen en het volledige vakantiegeld. Volgens dit systeem zouden schoolverlaters voor het volgende jaar slechts recht hebben op een beperkt aantal vakantiedagen en dito vakantiegeld. Je studeerde immers tot eind juni en kon in het beste geval pas in juli aan de slag... Om dit probleem op te lossen kan je als schoolverlater recht hebben op “Jeugdvakantie” : indien je aan enkele voorwaarden voldoet, dan heb je recht op bijkomende jeugdvakantiedagen en op de jeugdvakantie-uitkering die daarbij hoort.

Wie?

  • Je bent nog geen 25 jaar op 31-12-2013
  • Je hebt je studies beëindigd of stopgezet in de loop van 2013
  • Je hebt in de loop van 2013, na de beëindiging van je studies, in de privé-sector gewerkt (tellen niet mee: tewerkstellingen als jobstudent met solidariteitsbijdrage, in openbare sector en industriële leertijd). Je was in totaal ten minste één maand onder contract (bij één of meerdere werkgevers), en werkte minstens 13 arbeidsdagen.

Wat?
Je hebt natuurlijk recht op het gewone vakantiegeld en de gewone vakantiedagen, berekend op het aantal gewerkte dagen in het vorige jaar. Daarnaast heb je recht op een aantal bijkomende jeugdvakantiedagen samen met een jeugdvakantie-uitkering, betaald door de RVA. Je hebt alles samen recht op maximum 4 weken (24 dagen in een 6-dagenweek en 20 dagen in een 5-dagenweek). De uitkering bedraagt 65% van het gemiddelde dagloon dat je verdient juist voor je eerste opgenomen jeugdvakantiedag. Dit bedrag krijg je dan ook voor alle andere jeugdvakantiedagen die je nog opneemt. Maar let op, er bestaat ook een loongrens! Er wordt geen rekening gehouden met het loon dat je verdient boven de vastgelegde loongrens van € 2.121,75 (bruto) per maand sinds 01.04.2013 (*). Van deze vergoeding gaat een fiscale voorheffing af van 10,09%.

(*) In sommige sectoren bestaat er een extra financiële tussenkomst door het fonds voor bestaanszekerheid, overeengekomen in de CAO (collectieve arbeidsovereenkomst). Informeer je bij je ABVV-délégué of bij je beroepscentrale!

Wanneer?
Je kan je jeugdvakantiedagen opnemen het jaar nadat je bent afgestudeerd, maar enkel als je al je gewone vakantiedagen hebt opgenomen. Daarnaast moet je tewerkgesteld zijn in de privé-sector en je mag geen andere inkomsten hebben tijdens je jeugdvakantiedag.

  • Hoe aanvragen?
    je vraagt bij het ABVV (werkloosheidsdienst) de juiste formulieren;
  • je werkgever moet een stuk invullen;
  • ook jijzelf moet invullen; zo nodig laat je het ABVV hierbij helpen;
  • na je vakantie bezorg je het formulier aan het ABVV dat voor de uitbetaling zorgt; 
  • telkens je jeugdvakantiedagen opneemt (*), moet je een nieuw formulier aanvragen en invullen.

(*) De jeugdvakantie is een recht, de werkgever kan ze niet verbieden. Je bent niet verplicht om ze (allemaal) op te nemen. De data worden in onderling overleg gekozen. Zo nodig helpt het ABVV je om dit recht te laten gelden.

En in je allereerste werkjaar?
Er bestaat ook een systeem om in je allereerste werkjaar wat vakantiedagen te kunnen genieten. Dit noemt het “Europees Verlof”. Informeer hiervoor bij het ABVV!

 Voor het aanvraagformulier voor de werknemer, klik HIER
 Voor het aanvraagformulier voor de werkgever, klik HIER


Inschrijven bij het ziekenfonds

De ziekte –en invaliditeitsverzekering

Zolang je studeert of nog in je wachttijd zit ben je tot je 25ste verjaardag verzekerd door de ziekte - en invaliditeitsverzekering van je ouders. Met andere woorden: je bent ingeschreven als persoon ten laste op het lidboekje van één van je ouders. Zodra je begint te werken, een werkloosheidsvergoeding ontvangt of de leeftijd van 25 jaar bereikt hebt moet je zelf verplicht aansluiten bij een ziekenfonds. Van dan af beschik je over een eigen lidboekje en draag je voortaan 13,07 % van je loon of je werkloosheidsvergoeding af ter financiering van onze sociale zekerheid ( ziekte- en invaliditeitsuitkering, werkloosheid, pensioen, …). Dit noemen we de RSZ-bijdrage of sociale bijdrage.

Onze Belgische ziekteverzekering is grotendeels gestoeld op 2 peilers: de terugbetaling van gezondheidszorgen en het zorgen voor een vervangingsinkomen bij arbeidsongeschiktheid, de uitkeringen. De peiler gezondheidszorgen regelt alle betalingen van kosten voor geneeskundige verzorging (kosten voor bijv. de dokter, tandarts, kinesist, logopedist, verpleegkundige, apotheker, enz…). De peiler uitkeringen zorgt ervoor dat je een vervangingsinkomen krijgt wanneer je ziek wordt .

Zodra je ingeschreven bent bij een ziekenfonds ben je verzekerd en krijg je tussenkomsten voor geneeskundige verzorging. Je eerste verzekerde periode loopt vanaf de eerste dag van het kwartaal waarin je inschrijft tot 31/12 van het daaropvolgende jaar. Vervolgens  wordt dit jaar na jaar verlengd op voorwaarde dat je voldoende sociale bijdrage hebt betaald.

We illustreren even met een voorbeeld:
Op 16 februari 2011 begin je te werken. Je schrijft je in bij het ziekenfonds. 16 februari valt in het eerste kwartaal van het jaar. Je eerste verzekeringsperiode is geldig vanaf 01/01/2011 (eerste dag van het eerste kwartaal) t.e.m. 31/12/2012. Voor de verlenging van je rechten in 2013 kijkt het ziekenfonds na of je in 2011 voldoende sociale bijdrage hebt betaald.

Hoe sluit je aan?

Je kan aansluiten bij één van de 5 regionale socialistische ziekenfondsen in Vlaanderen:

Bond Moyson West-Vlaanderen
President Kennedypark 2
8500 Kortrijk
tel 056/23 02 11
bond.moyson.wvl@socmut.be

Bond Moyson Oost-Vlaanderen
Tramstraat 69
9052 Gent
tel 09/333.50.00
bond.moyson.ovl@socmut.be


De Voorzorg Limburg
Capuciennenstraat 10
3500 Hasselt
tel 011/24 99 11
info@devoorzorg.be

De VoorZorg provincie Antwerpen
Sint-Bernardsesteenweg 200
2020 Antwerpen
tel 03/285 44 44
info.304@socmut.be

Socialistische Mutualiteiten van Brabant
Zuidstraat 111
1000 Brussel
tel 02/506 96 11
mail@fsmb.be

Je kan op verschillende manieren bij één van bovenstaande ziekenfondsen aansluiten.

Via de website www.socmut.be kan dit heel eenvoudig. Surf op de homepagina naar de rubriek ‘lid worden’, en volg de aanwijzingen. Op de website kan je ook de nodige formulieren downloaden die je door de werkgever of de werkloosheidsinstelling moet laten invullen. Dit ingevulde formulier is noodzakelijk om je te kunnen inschrijven. Wie wil aansluiten in Vlaams Brabant neemt best een kijkje op www.fsmb.be

Je kan ook inschrijven in één van de vele kantoren van de socialistische mutualiteiten. Het ziekenfonds overloopt samen met jou je situatie en bekijkt onder welke hoedanigheid je best aansluit. Je neemt best een kleefbriefje van je huidig ziekenfonds en je sis-kaart mee.

De lijst van kantoren vind je op www.socmut.be 

Voordelen en diensten

Naast het recht op terugbetalingen uit de verplichte ziekteverzekering, geregeld via de RSZ-bijdrage, bieden de socialistische mutualiteiten hun leden aanvullend ook heel wat andere voordelen en diensten. Om van deze voordelen en diensten gebruik te kunnen maken betaal je jaarlijks een kleine mutualiteitsbijdrage.

Zo bieden de socialistische mutualiteiten een aantal specifieke voordelen voor jongeren tot en met 29 jaar. Zo bespaar je snel op een aantal uitgaven, die je waarschijnlijk voortaan uit eigen zak moet gaan betalen.

- Voor jongeren tot en met 29 jaar bieden de socialistische mutualiteiten een tweejaarlijkse tegemoetkoming van 75 euro voor brilmonturen, glazen en contactlenzen.

- Hou je van avontuurlijk reizen? Om geen tropische ziektes op te lopen moet je je laten vaccineren. Deze vaccins zijn meestal niet goedkoop. De socialistische mutualiteiten betalen tot 25 euro per jaar aan vaccinatiekosten terug.

- Vrouwen en meisjes jonger dan dertig krijgen jaarlijks 30 euro voor anticonceptiemiddelen terugbetaald. Dit kan gaan om de pil, de vaginale ring, de prikpil of de pleister.

Hospitalisatieverzekering KliniPlan

Hoe goed ons systeem van sociale zekerheid ook is, een ziekenhuisopname kost altijd geld, en dikwijls zelfs veel geld. De opleg voor het verblijf, de geneesmiddelen, de erelonen van de artsen – het zijn stuk voor stuk kosten die hoog kunnen oplopen. Als dat gebeurt, is een hospitalisatieverzekering allesbehalve een overbodige luxe.

Met KliniPlan ontwikkelden de socialistische mutualiteiten voor iedereen een betaalbaar hospitalisatieplan dat alle vitale risico’s dekt.  Er wordt niemand geweigerd op basis van zijn gezondheidsituatie. Daarbovenop biedt het de patiënt en zijn gezin nog heel wat extra comfort. En dit zowel voor, tijdens als na de hospitalisatie. Meer informatie over KliniPlan vind je op www.socmut.be.


Ziek of een ongeval

Wat te doen?
Wanneer je ziek bent of een ongeval krijgt, moet je je werkgever onmiddellijk verwittigen. Het doktersattest zend je binnen de twee werkdagen naar je werkgever. In een CAO of arbeidsreglement kan een andere termijn bepaald zijn.
Je moet je ziekte of ongeval ook bij je ziekenfonds aangeven. Een brochure over ziekteaangifte en alle nodige papieren kan je bekomen aan de loketten van de mutualiteit (www.socmut.be). 

Ik krijg m’n loon toch nog?
Uiteraard! Ook als je ziek bent is het leven duur, nog duurder misschien… We spreken dan ook van een ‘gewaarborgd loon’. De regeling verschilt naargelang je arbeider bent of bediende. Ook bestaat er een anciënniteitsvoorwaarde waaraan je moet voldoen.

Ben je minder dan 14 dagen afwezig dan heb je als arbeider recht op je loon dat je volledig van je werkgever krijgt  (tenminste als je meer dan een maand voor de onderneming werkt).  De eerste dag van deze periode ontvang je echter geen loon (dit noemen ze de carensdag). In sommige sectoren krijg je wel iets, informeer er zeker naar.

Wanneer je langer dan 14 dagen afwezig bent, ontvang je vanaf de eerste dag jouw gewaarborgd loon van de werkgever. Na 14 dagen betaalt het ziekenfonds voortaan 60% van je brutoloon.

Bedienden hebben recht op hun normale nettoloon de eerste 30 kalenderdagen van hun ziekte. Vanaf dan ontvangen ook zij een vergoeding van de mutualiteit ten bedrage van 60% van het brutoloon. Voor bedienden met een tijdelijk contract (of bedienden die zich in hun proeftijd bevinden) geldt hetzelfde systeem als bij arbeiders.

Een arbeidsongeval. Een arbeidsongeval is een ongeval dat je tijdens en door de uitvoering van je arbeidsovereenkomst overkomt.  Ongevallen op de weg van en naar het werk, en ongevallen tijdens rust- en eetpauzes worden gelijkgesteld met een arbeidsongeval.

Indien er zich een arbeidsongeval voordoet, moet de werkgever de eerste hulpmiddelen aanreiken.  Geneeskundige, farmaceutische en verplegingskosten worden terugbetaald en het loon wordt gegarandeerd.  Iedere patroon moet tegen arbeidsongevallen verzekerd zijn.  De aangifte van een ongeval gebeurt door de werkgever via een formulier dat hij binnen de acht kalenderdagen naar zijn verzekeringsmaatschappij verstuurt. De verzekeringsmaatschappij stuurt de aangifte op haar beurt door naar het ziekenfonds. (Informeer best even bij je ziekenfonds voor een stand van zaken).
Ook nu is je loon tenminste 30 dagen gewaarborgd.


Zwangerschapsrust

Je verwacht een baby! Het is uiteraard erg vermoeiend te gaan werken. Je hebt daarom recht op 15 weken rust in totaal. Negen weken na de bevalling zijn verplicht, de overige zes weken kan je beginnen opnemen ten vroegste zes weken vóór de vermoedelijke datum van bevalling. De laatste week vóór die datum is eveneens verplicht. Het is heel belangrijk dat je je werkgever ‘officieel’, dus met een briefje van je gynaecoloog, en snel op de hoogte brengt van je zwangerschap. Als je dat hebt gedaan, mag men je niet op straat zetten ‘omdat je zwanger bent’.

Je aanvraag tot zwangerschapsrust dien je dus uiterlijk zeven weken vóór de vermoedelijke bevallingsdatum in bij je werkgever. Vergeet vooral het geneeskundig getuigschrift van je gynaecoloog niet, daarop staat immers de geschatte bevallingsdatum én vanaf wanneer je prenatale rust neemt.

Zonder inkomen kan je natuurlijk niet verder. Daarom betaalt de ziekteverzekering je een uitkering tijdens de periode van zwangerschapsrust.  Ook belangrijk is dat je tijdig ‘het kraamgeld’ aanvraagt. Vraag ernaar bij je ziekenfonds.


Tijdskrediet


Het is misschien nog niet direct aan de orde,  maar onder bepaalde voorwaarden kan je wanneer je reeds enkele jaren gewerkt hebt, tijdskrediet of zorgkrediet aanvragen. Dit is de vroegere “loopbaanonderbreking” waarbij je het even iets rustiger aan wil doen. Je kan dan voor een poosje minder gaan werken zonder echt veel loonsverlies te hebben (o.a. met aanvullende premies). Alle informatie hierover kan je bekomen bij de vakbondsafgevaardigden op je bedrijf. Het ABVV heeft hiervoor ook aparte publicaties die je wegwijs maken in de reglementering.  


Bijscholen en beroepsopleiding

Pas van school en men spreekt al van bijscholing? Waren die twaalf of meer jaren school lopen dan niet voldoende? In deze constant evoluerende maatschappij stopt het leren nu eenmaal niet na je schooltijd. Bovendien is bijscholing niet alleen nuttig, maar ook interessant.

De waaier van mogelijkheden is enorm. Zo heb je o.a. bepaalde cursussen van het onderwijs voor sociale promotie (in avond- of weekendonderwijs), taalcursussen, universitaire cursussen, vakbondscursussen en middenstandsopleidingen.

Hiervoor kan je betaald educatief verlof aanvragen bij je werkgever. Dat doe je met je inschrijvingsformulier ten laatste op 31 oktober van elk schooljaar. Je moet dan ook melden welke dagen of uren je afwezig zal zijn en daarna een attest van de vormingsinstelling of school afleveren. Voor die dagen wordt je loon gewoon dorbetaald. Maar je werkgever mag rekening houden met een bovengrens. Deze bovengrens stemt (in het schooljaar 2012-2013) overeen met een bruto-maandloon van 2.706 euro.

Wil je meer informatie over betaald educatief verlof? Neem gerust met ons contact op.


Ontslag

De regelgeving rond opzeggingstermijnen is sterk veranderd sinds 1 januari 2012. Onderstaande tabellen zijn van toepassing enkel en alleen op contracten waarvan de uitvoering begint vanaf 1 januari 2012. Wil je meer weten over de opzeggingstermijnen voor contracten waarvan de uitvoering aanving vóór 1 januari 2012? Contacteer ons!

De duur van de opzegtermijnen is afhankelijk van het feit of je als arbeider of bediende werkt en hoe lang je in dienst bij eenzelfde werkgever bent. Beëindigt de werkgever het contract zonder een opzeggingstermijn dan moet hij je wel een schadevergoeding betalen. Die vergoeding komt overeen met het loon dat je zou verdiend hebben tijdens je opzegperiode.

In de onderstaande tabellen vind je de algemene regel voor opzeggingstermijnen zoals bepaald door de wet op arbeidsovereenkomsten. In verschillende sectoren zijn er echter afwijkende afspraken gemaakt. Daarom contacteer je best steeds het ABVV om te weten wat de regeling in jouw sector is!

En, wat nog meer ingrijpend is: de hoogste rechtbank heeft de overheid verplicht om ten laatste in het voorjaar van 2013 een aantal elementen in de zgn. discriminatie tussen arbeiders en bedienden weg te werken. Onder deze ook de opzegtermijnen. Op het moment dat we dit schrijven, is hierover echter nog niets bekend. Op het moment dat jij het leest wellicht wel. Een goede raad: informeer je bij het ABVV !!

Arbeider
Anciënniteit

Opzeg door werknemer

Opzeg door werkgever

 

 

 

minder dan 6 maanden

14 *dagen

28 dagen

van 6 maanden tot 5 jaar

14 dagen

40 dagen

van 5 tot 10 jaar

14 dagen

48 dagen

van 10 tot 15 jaar

14 dagen

64 dagen

van 15 tot 20 jaar

14 dagen

97 dagen

meer dan 20 jaar

28 dagen

129 dagen

* met dagen bedoelt men kalenderdagen.

Bediende
Anciënniteit

Opzeg door werknemer

Opzeg door werkgever

 

 

 

minder dan 5 jaar

1,5 maand

3 maanden

van 5 tot 9 jaar

3 maanden

6 maanden

van 10 tot 14 jaar

3 maanden

9 maanden

van 15 tot 19 jaar

3 maanden

12 maanden

telkens plus 5 jaar

Blijft 3 maanden

Telkens 3 maanden erbij

Voor arbeiders met een anciënniteit tot 6 maanden kan in de overeenkomst of in het arbeidsreglement een kortere opzegperiode voorzien zijn. Deze bedraagt minimaal 7 dagen voor de werkgever en 3 dagen voor de werknemer.

Wanneer je als bediende tussen 32 254 € en 64 508 € (bruto, 01.01.2013) per jaar verdient, gelden andere opzeggingstermijnen die door de wet bepaald worden. Verdien je meer dan 64 508 € (bruto, 01.01.2013) dan moet de opzeggingstermijn overeengekomen worden. Wordt de opzegging door de werkgever gegeven dan moet die termijn minstens 3 maand per 5 jaar anciënniteit bedragen. Informeer je steeds bij het ABVV!

Wat moet je krijgen bij je ontslag?
De individuele rekening (wat je hebt verdiend), een formulier C4 (voor de VDAB en het ABVV), een belastingfiche (ten laatste voor maart van het volgende jaar), een vakantiegetuigschrift indien je bediende was, eventueel, als je dit zelf wenst, een getuigschrift over je dienst.

De ontslagpremie.
Arbeiders hebben naast die papierwinkel ook recht op de zgn. ontslagpremie ten laste van de RVA. Het gaat over een som geld, als compensatie voor het feit dat opzegtermijnen voor arbeiders anno 2013 nog steeds lager zijn dan die van bedienden … een regelrechte discriminatie dus! Informeer je zeker bij het ABVV, het gebeurt al te veel dat deze ontslagpremie “uit het oog verloren” wordt. En ongetwijfeld zal deze ganse regeling tegen midden 2013 veranderen …En ongetwijfeld zal deze ganse regeling tegen midden 2013 veranderen …

Bij ontslag is het trouwens altijd wijs de vakbondsafgevaardigden en de diensten van het ABVV te raadplegen. Voor je werkloosheidsuitkering moet je sowieso naar het ABVV.

OPGEPAST:

als je een ‘zware fout’ begaat, b.v. diefstal, dan kan je wegens dringende reden onmiddellijk ontslagen worden zonder vergoeding noch opzegtermijn!


Terug Top