Wanneer jouw school kiest om jou stage te laten lopen, doet zij dit op basis van een doordacht concept. De organisatie van jouw stage vereist immers een intense samenwerking en een nauwgezette opvolging. Je leert tegelijk op school en in het arbeidsmilieu.
Als leerling/student ben je onderworpen aan de onderwijsregelgeving, terwijl je als stagiair op de werkvloer onderworpen bent aan zowel de onderwijsreglementering als de arbeidswetgeving.
Onderwijswetgeving
In de onderwijswetgeving is er m.b.t. stages een verschil tussen het secundair (met inbegrip van het buitengewoon secundair onderwijs) en het hoger onderwijs (hogescholen en universiteiten). Voor het secundair onderwijs is de organisatie van stages veel meer gereglementeerd dan voor het hoger onderwijs. Wat niet wil zeggen dat voor stages in het hoger onderwijs alles mag.
Secundair Onderwijs
Stagereglement
De onderwijsreglementering schrijft een éénvormig stagereglement voor, dat van toepassing is op alle stages in het secundair onderwijs. Bijgevolg kan je bij een kandidaat-stagegever, die dit stagereglement weigeren te aanvaarden, geen stage lopen.
Je kan ook geen stage lopen bij bedrijven of instellingen die uitgebaat of beheerd worden door een familielid (bloed- of aanverwant tot en met de derde graad of persoon die het ouderlijk gezag uitoefent). Het spreekt voor zich dat stage lopen bij leraars, hun echtgeno(o)t(e) en ook bij hun bloed- of aanverwanten tot in de tweede graad absoluut verboden is.
De stageovereenkomst
De stageovereenkomst is een akkoord tussen de school, de organisatie die de stage aanbiedt en een stagiair, waarbij er afspraken worden gemaakt over de opleiding en de vorming op een reële arbeidspost. Het is dus geen arbeidsovereenkomst, noch een overeenkomst voor de tewerkstelling van studenten.
Ook al neem je tijdens je stage deel aan het arbeidsproces, toch word je hiervoor niet verloond of vergoed. De gepresteerde arbeid wordt immers beschouwd als een middel dat in dienst staat van jouw opleiding en vorming.
In overleg met je stagegever en jezelf stelt de school de stageovereenkomst op. Ze bevat – naast de nodige gegevens over de 3 betrokken ‘partijen’ – de afspraken over de individuele regeling en het verloop van de leerlingenstage, zoals stagevorm, stageduur en uurregeling, de personen die verantwoordelijk zijn voor de stagebegeleiding (leraar en mentor) en de afspraken over de verzekeringen. Aanvullend kan de stageovereenkomst nog bepalingen bevatten, zoals deze door de ondertekenaars ervan nuttig worden geacht. Ook het stagereglement, de lijst van stageactiviteiten en attitudenlijst maken deel uit van deze overeenkomst, zij het als bijlagen.
Voor de aanvang van de stage ondertekenen de 3 partijen de overeenkomst in drievoud. Ben je minderjarig, dan ondertekent één van je ouders (of voogd). Iedere ondertekenaar ontvangt hiervan een exemplaar.
Verbreken van de stageovereenkomst
In sommige omstandigheden kan de schooldirecteur of de stagegever genoodzaakt zijn de stageovereenkomst te verbreken. Als stagiair kan je dat niet eigenmachtig. Zo’n verbreking – om welke reden dan ook – dient schriftelijk worden bevestigd.
Verbreking van de stageovereenkomst door de schooldirecteur
- Wanneer de stagegever zware inbreuken pleegt tegen het stagereglement of de arbeidswetgeving;
- Bij een inefficiënte of onnuttige stage of gebrek aan een (goede) begeleiding door de stagementor.
Na overleg met de stagegever beslist de directeur of de stage-overeenkomst kan worden voortgezet of dient te worden verbroken.
Bij een verbreking van de overeenkomst dient de school jou zo snel mogelijk een nieuwe stageplaats toe te wijzen. In afwachting ervan zorgt zij voor een activiteit op school waarbij dezelfde leerdoelstellingen worden nagestreefd.
Verbreking van de stageovereenkomst door de stagegever
- Wanneer je wangedrag vertoont of als je zware inbreuken pleegt tegen het stagereglement;
- Wanneer je herhaaldelijk ongewettigd afwezig bent of als je opzettelijk zware schade veroorzaakt op de stageplaats.;
- Bij een gebrekkige stagebegeleiding vanwege de school;
- Ook ‘overmacht’ kan de stagegever dwingen tot verbreking van de stageovereenkomst.
Hogescholen en universiteiten
Hogescholen en universiteiten zijn voor het inrichten van stages veel vrijer dan het secundair onderwijs, omdat er in feite geen centrale regelgeving voor stages in het hoger onderwijs bestaat. In het hoger onderwijs (zowel hogescholen als universiteiten) bestaat wel de plicht om voor het begin van het academiejaar het onderwijsaanbod (waaronder stage) en de onderwijs- en examenregeling (waaronder stage) openbaar te maken. Je dient deze regelgeving bij je inschrijving in de onderwijsinstelling te ontvangen.
Stagecontract
De instelling kan zelf uitmaken of zij met stagecontracten werkt. Het is niet wettelijk vereist om met stagecontracten te werken, maar dit wordt wel sterk aanbevolen. Ook het soort contract kan verschillen. Loop je één lange aaneengesloten periode in hetzelfde bedrijf stage, dan kan er gewerkt worden met een contract tussen de onderwijs- en de stage-instelling waarbij je als student als derde partij betrokken bent. In gevallen waar je meerdere stages op meerdere plaatsen moet vervullen is een dergelijke werkwijze niet erg praktisch omdat men dan voortdurend bezig is met het sluiten van contracten. De onderwijsinstelling kan voor zo'n gevallen werken met een raamovereenkomst met de stage-instelling waarin in het algemeen alle rechten en plichten van de partijen opgenomen zijn.
De contractspartijen zijn vrij om - binnen de wettelijke grenzen - in het contract op te nemen wat zij willen.
Een stagecontract is even bindend als om het even welk ander contract.
De contractsluitende partijen moeten zich aan de overeengekomen bepalingen houden. Als één van de partijen zich niet aan de overeenkomst houdt, kan dit aanleiding geven tot een geding voor de rechtbank. In dit geval moet dat de burgerlijke rechtbank zijn vermits je als stagiair geen werknemer bent.
Arbeidswetgeving
Als stagiair behoud je het statuut als leerling of student tot het einde van je studies. Je bent onderhevig aan de onderwijsregelgeving. In het kader van je opleiding bevind je je in het arbeidsmilieu om te leren. Daar word je voor een deel van de arbeidswetgeving gelijkgesteld aan de werknemer. Op die manier word je ook op de werkplek beschermd. Het levert een tweevoudig statuut op dat jouw juridische situatie erg complex maakt.
‘als persoon, die anders dan krachtens de arbeidsovereenkomst, arbeid verricht onder het gezag van een ander persoon’ val je als leerling-stagiair onder de toepassing van de arbeidswetgeving.
Wat die gelijkstelling betreft, treedt de stagegever op als werkgever. Op de stagiair zijn een aantal arbeidswetten van toepassing. Voor de gecoördineerde wetten betreffende de schadeloosstelling voor beroepsziekten – werd het toepassingsgebied kosteloos uitgebreid tot leerlingen en studenten.
Hierbij vind je de korte inhoud van de belangrijkste wetten die ook op jou als stagiair van toepassing zijn.
Arbeidsreglement
De wet op de arbeidsreglementen handelt over de verplichting van het arbeidsreglement, de inhoud, de opstelling en de wijziging ervan. Elke onderneming beschikt over een eigen arbeidsreglement. Alle voorschriften zijn ook op jou als stagiair van toepassing.
Collectieve arbeidsovereenkomsten en paritaire comités
Collectieve arbeidsovereenkomsten regelen de rechten en plichten van werkgevers en werknemers. Deze overeenkomsten worden opgesteld door een paritair orgaan dat is samengesteld uit een gelijk aantal vertegenwoordigers uit de werkgevers - en werknemersorganisaties en heeft ook de opdracht geschillen tussen werkgevers en werknemers te voorkomen of bij te sturen.
Arbeidswet
De arbeidswet regelt o.m.:
- De arbeidsduur
- De zondagsrust
- De nachtarbeid
- De jongerenarbeid
De arbeidswet beschermt elke werknemer. Voor jeugdige werknemers bestaan er specifieke beschermende maatregelen. Jeugdige werknemers zijn minderjarige werknemers die 15 jaar of ouder zijn en niet meer onderworpen aan de voltijdse leerplicht. Die stopt op 16 jaar of, als de eerste twee jaren van het secundair onderwijs achter de rug zijn, op 15 jaar.
Behoudens afwijkingen mag je als minderjarige niet langer dan 8 uur per dag en niet meer dan 40 uur per week werken.
Voor stagiairs uit het secundair onderwijs geldt ongeacht de leeftijd altijd een maximum van 8 uur per dag (behoudens afwijkingen) en 38 uur per week.
Je mag als minderjarige maximaal 4 ½ uur ononderbroken werken. Je mag eveneens geen nachtarbeid verrichten. Als nachtarbeid wordt beschouwd arbeid verricht tussen 20 uur en 6 uur. Er wordt een uitzondering gemaakt voor jeugdige werknemers, ouder dan 16 jaar voor ploegenarbeid of arbeid die niet kan onderbroken worden en voor stages in een aantal sectoren zoals personenzorg, hotel, lichaamsverzorging, verkoop, handel, toerisme, land- en tuinbouw en slagerij. In dat geval blijft arbeid verboden tussen 22 uur en 6 uur of 23 uur en 7 uur. In geen geval mag je werken na 23u.
Je moet als minderjarige over minstens 12 uur rust beschikken tussen het beëindigen en hervatten van de arbeid.
Voor meerderjarige stagiairs gelden de bepalingen betreffende arbeidsduur zoals opgenomen in het arbeidsreglement, de collectieve arbeidsovereenkomsten en paritaire comités.
Of je nu al dan niet 18 bent, het kan nooit dat je meer uren moet kloppen dan de ‘normale’ werknemers in het bedrijf.
Werken op zondag is in principe verboden, maar kan door de Inspectie (Toezicht) op de Sociale Wetten worden toegestaan. Als je op zondag gewerkt hebt, moet je de dag voordien of de dag erna een extra rustdag krijgen.
Feestdagen
Deze wet legt het verbod van tewerkstelling vast op 10 erkende feestdagen:
- 1 januari
- Paasmaandag
- 1 mei
- Hemelvaartsdag
- Pinkstermaandag
- 21 juli
- 15 augustus – Maria Hemelvaart
- Allerheiligen
- 11 november
- 25 december – Kerstmis
In bepaalde gevallen zijn afwijkingen mogelijk.
Welzijnswet en K.B. ter bescherming van jongeren
De stagegever maakt - in samenwerking met de preventieadviseur - een analyse op van de risico’s waaraan je tijdens je stage wordt blootgesteld en treft de nodige preventiemaatregelen. Hij/zij zal je ook inlichten over de risico’s en de preventiemaatregelen.
In principe kan je als stagiair alle werkzaamheden uitvoeren die niet als gevaarlijk worden beschouwd.
Volgende werkzaamheden zijn verboden of kunnen slechts onder strenge voorwaarden:
- Arbeid die je fysisch of psychisch niet aankan;
- Arbeid waarbij je blootgesteld wordt aan gevaarlijke stoffen;
- Arbeid waarbij je blootgesteld wordt aan ioniserende straling;
- Arbeid die risiscofactoren inhoudt waarvoor je nog te onervaren bent;
- Arbeid waarbij je blootgesteld wordt aan extreme koude, hitte, lawaai of trillingen.
Enkele van deze activiteiten kan je toch uitoefenen als er voldaan is volgende strenge voorwaarden:
- De activiteit is onontbeerlijk voor de beroepsopleiding;
- De stagegever gaat na of er voldoende efficiënte preventiemaatregelen zijn en controleert deze ook werkelijk;
- De activiteit wordt uitgevoerd in het bijzijn van een ervaren werknemer.
Gezondheidstoezicht
Ben je jonger dan 21 jaar, dan dien je bij je allereerste tewerkstelling (of stage) een medisch onderzoek te ondergaan. Het is de stagegever die hiervoor verantwoordelijk is.
Een jaarlijks, gericht medisch onderzoek is op jou van toepassing:
- Wanneer er uit analyse blijkt dat er een specifiek gezondheidsrisico bestaat;
- Wanneer je – in voorkomend geval – nachtarbeid verricht.
Dit geneeskundig onderzoek is niet langer verplicht. Een attest van de huisarts of de arts van het centrum voor leerlingenbegeleiding kan voldoende zijn.
Werkkledij en persoonlijke beschermingsmiddelen
Op vele stageplaatsen ben je verplicht werkkledij te dragen die aan een aantal vereisten moet voldoen (uitgezonderd voor kantoorwerk). De werkkledij wordt geleverd, gereinigd en hersteld door de stagegever en blijft zijn eigendom. Je moet ze dus niet zelf aankopen.
Ook persoonlijke beschermingsmiddelen zijn vaak verplicht. Ze moeten gratis ter beschikking worden gesteld. Bovendien moet begrijpbare informatie over de persoonlijke beschermingsmiddelen worden verschaft.
De school moet jou verzekeren voor zowel lichamelijk ongevallen, de burgerrechterlijke aansprakelijkheid als rechtsbijstand.
Deze verzekeringen dekken alle activiteiten, die onder het begrip schoolleven vallen. D.w.z. alle schoolse en buitenschoolse activiteiten, die verband houden met de onderwijsinstelling. Die activiteiten kunnen plaatshebben binnen of buiten de school, binnen of buiten de schooluren, in België of in het buitenland. Ook de weg van en naar de school komt in aanmerking. Je valt onder het schoolleven zolang je onder het gezag staat van de directie, haar plaatsvervanger of vertegenwoordiger.
De ruime definitie van schoolleven zorgt ervoor dat je tijdens de stage ook gedekt wordt door de schoolverzekering.
Materiële schade aan goederen of werktuigen, die jou werden toevertrouwd, vallen niet steeds onder de schoolpolis. Daarom betaalt de school best een bijkomende premie voor een polisuitbreiding 'toevertrouwde goederen'.
De burgerrechterlijke verantwoordelijkheid (of extra-contractuele verantwoordelijkheid) van de stagegever wordt gedekt door de exploitatieverzekering. Deze verzekering dekt de schade aan jou toegebracht door een werknemer van de stagegever of de stagegever zelf. Ook schade die je als stagiair zelf veroorzaakt, kan vergoed worden door de exploitatieverzekering.
De stagegever verzekert jou echter niet tegen lichamelijke schade als gevolg van een arbeidsongeval. Je valt namelijk niet onder de wetgeving op arbeidsongevallen. Indien je bijvoorbeeld als gevolg van een ongeval een blijvend letsel oploopt, dan zal de schoolverzekering hierin tussenkomen. Deze tussenkomst is lager dan die van een arbeidsongevallenverzekering bij gewone werknemers.
Tegen beroepsziektes ben je wèl verzekerd. Je valt zoals alle werknemers onder de toepassing van de beroepsziektewet. Het betreft een kosteloze verzekering. Er wordt dus aan de school noch aan jou hiervoor een bijdrage gevraagd.
Bij elke verzekering zijn vooral de kleine lettertjes van belang. Grote risico's en zware fouten worden wel gedekt door de schoolverzekering, tenzij het voorval opgenomen is in de lijst 'niet-verzekerde gevallen'. De polis moet deze gevallen duidelijk omschrijven. Voorbeelden zijn:
· in de polis burgerrechterlijke aansprakelijkheid: dronkenschap, geweld, activiteiten in gebouwen in verval, schade aan kleding zonder lichamelijk letsel, …;
· in de polis lichamelijke ongevallen: ongevallen waarbij verzekerde onder invloed was, weddenschappen, …;
In ieder geval moet de onderwijsreglementering strikt gevolgd worden om te kunnen genieten van de verzekering.
Opzettelijke schade wordt dan weer volledig uitgesloten van verzekering. Deze schade moet persoonlijk vergoed worden.
Enkele verzekeringsvragen uit de praktijk
Je veroorzaakt een ongeval op de stageplaats en een collega werknemer wordt hierbij gekwetst. Hoe wordt deze schade gedekt?
Voor de gekwetste werknemer gaat het om een arbeidsongeval. De lichamelijke schade zal door de arbeidsongevallenverzekeraar vergoed worden.
In de veronderstelling dat je een fout zou begaan hebben, dus aansprakelijk zou zijn voor het ongeval, dan kan de arbeidsongevallenverzekeraar zijn uitgaven toch niet aan jou terugvragen, omdat dit bij wet verboden is. De arbeidsongevallenverzekeraar kan zich enkel verhalen op een collega of de werkgever van het slachtoffer bij opzet of verkeersongevallen. Voor de schade aan goederen komt de arbeidsongevallenverzekeraar niet tussen. Wanneer je voor de schade aansprakelijk zou gesteld worden (b.v. aan jas, bril, uurwerk) dan is dit verzekerd door de schoolpolis.
Op stage bij de kapper gebeurt het volgende:
- Je kleurt de haren van een klant. Je bekomt niet het gewenste kleurresultaat.
- Je knipt de haren van een klant. De klant wordt hierbij gekwetst aan het oor. Het oor moet gehecht worden.
Welke schadevergoedingen zijn hier mogelijk?
Voor het eerste voorbeeld kan er geen sprake zijn van een vergoeding door de schoolverzekering, noch door de exploitatieverzekering. Het gaat om contractuele aansprakelijkheid.
Het tweede voorbeeld valt onder de burgerrechterlijke aansprakelijkheid van de exploitatieverzekering. Schadevergoeding is steeds verzekerd.